HR

Geen handtekening nodig voor aanvang bedenktermijn beëindiging arbeidsovereenkomst

2 min lezen

‘Leidse leer’ bedenktermijn bevestigd in bodemprocedure

De kantonrechter in Leiden heeft gisteren in een bodemprocedure de Leidse leer bevestigd, waar het gaat om de bedenktermijn bij het sluiten van een overeenkomst waarmee een einde wordt gemaakt aan de arbeidsovereenkomst. Het betreft de bodemprocedure van het eerder gevoerde kort geding, dat heeft geresulteerd in dit vonnis. Het vonnis in de bodemprocedure van 7 december 2016 vindt u hier.

De centrale vraag in deze procedure was of de bedenktermijn van artikel 7:670b BW aanvangt op het moment van ondertekening van de beëindigingsovereenkomst of het moment waarop per e-mail overeenstemming was bereikt.

Het schriftelijkheidsvereiste van art. 7:670b BW

De kantonrechter bevestigt de door ons ook al in kort geding met succes bepleite leer dat de bedenktermijn niet pas aanvangt als de vaststellingsovereenkomst is ondertekend, maar op het moment dat schriftelijk (in dit geval: per e-mail) overeenstemming is bereikt over de essentiële punten van een dergelijke overeenkomst: het feit dat wordt beëindigd, het moment waarop wordt beëindigd en de hoogte van de vergoeding.

De kantonrechter overweegt:

“De kantonrechter is van oordeel dat het schriftelijkheidsvereiste van artikel 7:670b BW niet zover gaat dat de bedenktermijn pas gaat lopen na ondertekening door partijen van de beëindigingsovereenkomst. Een zo vergaande afwijking van het reguliere contractenrecht en het systeem van aanbod en aanvaarding zou, zo de wetgever dat heeft bedoeld, in de wet of in ieder geval in de wetsgeschiedenis zijn genoemd.”

en

“De kantonrechter acht op grond van de laatste e-mail voldoende vast staan dat op 29 januari 2015 schriftelijk overeenstemming is bereikt over een beëindiging van de arbeidsovereenkomst. Er was immers, zo blijkt uit bovenbedoelde e-mails, overeenstemming bereikt over de essentialia van een beëindigingsovereenkomst als ook over de datum van de overeenstemming, te weten ‘de datum van vandaag’, 29 januari 2016. Dat daarna ten opzichte van die overeenkomst nog enkele aanpassingen zijn doorgevoerd doet daaraan niet af.”

Vormvoorschrift in mediationovereenkomst

Aan de zaak is in de bodemprocedure nog een dimensie toegevoegd. Tussen partijen was een mediationovereenkomst gesloten waarin was afgesproken dat overeenstemming zou worden vastgelegd in een door partijen ondertekende vaststellingsovereenkomst. Namens de werkgever hebben wij bepleit dat dit een contractueel vormvoorschrift betreft, waarop niet de sanctie van ongebondenheid is gesteld. De kantonrechter heeft die redenering overgenomen:

“Eveneens verwerpt de kantonrechter de stelling van de werknemer dat uit de mediationovereenkomst volgt dat het ontbreken van ondertekening van de overeenkomst tot ongebondenheid leidt nu het om eindafspraken gaat. Uit artikel 7.1 van de mediationovereenkomst volgt niet dat schending van een bepaald vormvoorschrift de ongebondenheid aan de bereikte oplossing tot gevolg heeft.”

Conclusie

De conclusie is dat de bedenktermijn bij het sluiten van een beëindigingsovereenkomst gaat lopen vanaf het moment dat schriftelijk overeenstemming is bereikt over de essentie van de overeenkomst en dat de werknemer zich daarbij niet zonder meer kan verschuilen achter een contractueel vormvoorschrift. Natuurlijk is het beter de beëindigingsovereenkomst direct te (laten) ondertekenen, maar als dat niet lukt kunnen werkgevers terugvallen op schriftelijk (dus bijvoorbeeld per e-mail) bereikte overeenstemming.

U kunt hiervoor en voor overige vragen over dit onderwerp contact met ons kantoor opnemen op telefoonnummer: 020 – 723 36 33 of 070 – 319 60 40.

Namens het arbeidsrechtteam van Valegis

Thijs Kroese t.kroese@valegis.com
Carolien Brederije

Valegis Advocaten

Over de auteur
Valegis Advocaten, met vestigingen in Den Haag en Amsterdam, is hèt advocatenkantoor voor (internationale) ondernemers en ondernemingen; moderne juridische dienstverlening, helder, zakelijk, oplossingsgericht en integer.Ons team bestaat uit deskundige, ervaren en enthousiaste advocaten, met een ondernemende geest. Wij gaan net als onze cliënten uitdagingen niet uit de weg. Wij zijn uw vaste juridische sparringpartner en gaan verder dan het alleen afwegen van kansen en risico’s.Concreet, in duidelijke taal en altijd met het oog op uw belangen adviseren wij u bij uw dagelijkse activiteiten als ondernemer en assisteren wij u bij procedures, waar die nodig of onvermijdelijk zijn.Juist door deze moderne en zakelijke werkwijze werken wij met de meeste van onze cliënten al zeer langdurig samen. Door de diversiteit in onze profielen en achtergronden kunnen wij ondersteuning bieden op elk rechtsgebied waar u als ondernemer behoefte aan heeft.
artikelen
    Gerelateerde artikelen
    HR

    Banen bij de overheid aantrekkelijker dan ooit

    1 min lezen
    HR

    Personeel effectiever laten werken met computers

    1 min lezen
    HR

    Pestgedrag negeren kan veel geld kosten!

    3 min lezen